Lange leve de GSM-Turk

31 augustus, 2006

047783_00_1519_hk50eIk bel al bijna tien jaar met een GSM-telefoon. Prepaid, welteverstaan. Een bewuste keuze. Als ik de brochures voor de vaste abonnementen lees, ben ik binnen de kortste keren het spoor bijster: piek- en daluren, plus- en basistarieven en bel- en sms-tegoeden. Het zal allemaal wel. Volgens mij was het één grote marketingtruc van de telecomjongens om de consumenten zoveel mogelijk geld uit de zak te kloppen.
Toen ik kort geleden mijn abonnement voor de vaste telefoon had opgezegd, kwam ik tot de ontdekking dat ik per maand twee prepaid-kaartjes van 20 euro verbruikte. Dat was iets teveel van het goede. “Waarom neem je geen abonnement?, vroeg een kennis. “Ik betaal een tientje per maand en daarvoor mag ik 120 minuten bellen”. Zal ik dan toch overstappen naar een betaald abonnement voor mijn mobiele telefoon? Al jarenlang kwam ik in geen enkel klantenbestand van een mobiele aanbieder voor en dat beviel mij uitstekend.

Drie weken terug stapte ik de Vodafone-winkel in Zaandam binnen. Nog voordat de snotneus met stropdas ondergetekende met zijn verkooppraatjes kon bespringen, stak ik van wal: “Luister, ik ben al jaren prepaid klant bij jullie”, zei ik, terwijl ik mijn Motoralo V980 liet zien “en ik wil graag met behoud van dit toestel en mijn nummer overstappen op een betaald abonnement”. Volgens de verkoper was dat geen enkel probleem: “U krijgt een nieuw simkaartje en dat stopt u over twee weken in uw telefoon”. Ik vroeg of ik nog migratieproblemen kon verwachten. “Nee, hoor”, verzekerde de verkoper, “Het nieuwe kaartje erin en bellen maar!”. Dat klonk goed. Over twee weken kon ik voor iets meer dan 10 euro per maand twee uur achter elkaar bellen.

Toen ik op de afgesproken dag het nieuwe simkaartje in mijn telefoon stopte, kreeg ik gelijk een melding dat ik een bepaalde code moest invoeren. “Wat krijgen we nou?”, denk ik. “Ik kon toch gelijk bellen volgens die verkoper?” Op het contract van Vodafone stond een servicenummer dat ik kon bellen bij vragen en problemen. Met de telefoon van de zaak bel ik naar mijn telefoonprovider. “Goedemorgen, met Vodafone, waarmee kan ik u van dienst zijn?”, zegt een vriendelijke damesstem aan de andere kant van de lijn. “Twee weken terug heb ik mijn prepaid abonnement met behoud van nummer en toestel laten omzetten naar een variant waarbij ik een vast bedrag per maand betaal”, begin ik rustig. “Volgens de verkoper kon ik na het plaatsen van het nieuwe simkaartje gelijk bellen, maar nu zegt mijn toestel dat ik een vreemde code moet intoetsen”.  De medewerkster van Vodafone vertelt dat ik mijn toestel moet laten unlocken en dat kan alleen als mijn toestel ouder is dan één jaar. “Heeft u nog de aankoopbon?”, vraagt ze. “De aankoopbon?” reageer ik verschrikt. Ik ben pas verhuisd en die bon zit ergens in één van mijn twintig verhuisdozen. Dat kost mij minstens een maand om dat ding boven water te krijgen. “Als u het toestel met de bon naar ons opstuurt, krijgt u na drie tot zes weken uw toestel terug, waarna u kunt bellen met het nieuwe abonnement”, zegt ze vriendelijk. Dat is helemaal mooi, denk ik, die verkoper heeft mij dus onvolledig voorgelicht. Drie tot zes weken niet kunnen telefoneren is een kleine ramp, aangezien hetzelfde toestel zowel zakelijk als privé gebruik. Ik besluit niet boos te worden, want de jongedame aan de telefoon staat mij vriendelijk te woord en kan er persoonlijk ook niets aan doen dat ik verkeerd ben voorgelicht.

Ik besluit de verkoper van de telefoonwinkel persoonlijk de oren te wassen. Op donderdagavond stap ik voor de tweede keer de Vodafone-winkel binnen. De verkoper die mij het abonnement heeft aangesmeerd, is gelukkig aanwezig. Ik vertel hem het verhaal. “En nu?”, vraag ik hem. Tactisch laat ik een stilte vallen. De verkoper zegt: “U kunt ook naar de GSM-Turk hier aan de overkant. Daar unlocken ze uw toestel voor een tientje”. “Ja, dat snap ik, maar ik wil het graag netjes doen”, antwoord ik. Aan het gezicht van de verkoper lees ik af dat hij zich realiseert dat hij mij onvolledig heeft voorgelicht . “Op de Zwarte Markt in Beverwijk doen ze het voor acht euro”, vult een andere verkoper aan. Razendsnel probeer ik een goede oplossing te bedenken. Zal ik dan bij een bruingoedwinkel een simlock-vrije telefoon kopen of toch de stap wagen naar de GSM-Turk? Simlock-vrije mobieltjes zijn al verkrijgbaar vanaf 40 euro, maar dan zit er geen umts op. Sinds ik mijn Gmail op de mobiel las, wilde ik persé een exemplaar met umts, maar die waren weer zo rond de 200 euro.

Ik besloot dus de stoute schoenen aan te doen en eens bij de GSM-Turk langs te gaan. Als ik de winkel binnenstap, zie ik overal laadapparaten van vage merken en imitatiefrontjes en tweedehands telefoons liggen. “Kan ik u helpen meneer”, vraagt de Turk achter de balie. Ik steek van wal en als ik halverwege mijn verhaal ben, zegt hij; “Geen probleem, meneer. Komt u over twintig minuten maar terug, dan heb ik het gefixt”. Achter de toonbank zie ik een laptop met internetaansluiting en een hoop snoertjes: daar is waar het unlocken gebeurt. Als ik na twintig minuten mijn toestel ophaal, doet ie het weer! Na een kleine week van onbereikbaar zijn, kan ik weer bellen en sms-en! De GSM-Turk heeft mij voor 18 euro uit de brand geholpen – dus toch niet de 10 euro waar de verkoper van Vodafon het over had. Wat geeft het, ik kan weer bellen! Bij het verlaten van de winkel zie ik een machine te staan. Het blijkt een navulapparaat voor inktpatronen te zijn. Inktstation staat op een bord boven de machine te lezen – het logo komt bekend voor, want het lijkt sprekend op die van de concurrent. “En hoe bevalt het?” vraag ik. “Ik heb de machine deze week binnengekregen” zegt hij . “Van Turkse makelij?”, vraag ik. De verkoper knikt, lacht zijn tanden bloot en laat zijn handen zien, waarop ik overal inktvlekken zie. “Nog een beetje oefenen?” zeg ik als ik de winkel verlaat. “Maar dat gaat helemaal goedkomen, volgens mij”. Handige jongens, die Turken. Die zien overal handel in.

Marc Boersma, redacteur

Onderwerpen: Weblogs | 1 Reactie »

Mobiele diensten?

30 augustus, 2006

Cammobiel_klein_custom
Op sommige momenten zijn workshops een echte eyeopener. Zo ook gisteren de workshop ‘Trends en Ontwikkelingen’ van de ANMI Summerschool. De workshop richtte zich vooral op de mogelijkheden van het verspreiden van content via internet en mobiele telefoon. Hoewel dit laatste niet zo spannend klinkt, gebeurt er meer in het medialandschap dan u en ik denken.

Vooral jongeren zijn gek op mobiel. Op internet het toch eigenlijk not done is om te betalen voor muziek en video. Zie de enorme problemen die Stichting Brein in Nederland heeft om jongen ervan te overtuigen dat het illegaal kopiëren van software en media ‘broodroof’ en ‘diefstal’ is. Toch heeft het internet nog steeds een uitstraling van free-for-all.

Het vreemde is dat dit voor mobiele telefonie absoluut niet geldt. Hoe vaak versturen u en ik niet smsjes? Voor een klein stukje tekst van maximaal 160 tekens betalen we zonder er over na te denken 20 eurocent. Een mms kost zelfs nog meer. Moet u zich eens voorstellen dat u voor e-mail 20 cent zou betalen: een opstand is gegarandeerd.

Jongeren besteden nóg makkelijker geld aan hun mobieltje: ringtones, wallpapers en videoclips kosten relatief veel geld en zijn eigenlijk net zo makkelijk van het internet te downloaden, maar desondanks draaien de aanbieders van deze diensten topomzetten. Platenmaatschappijen en filmmaatschappijen zouden hier beter op kunnen inspringen: in plaats van te klagen over inkomstenderving door roofkopieën via het internet zouden ze beter eens kunnen kijken hoe ze deze perceptie kunnen gebruiken om winst te maken. Als jongeren bereid te zijn te betalen voor mobiele diensten, waarom dan niet meer en betere diensten aanbieden zodat jongeren ook écht waar voor hun geld krijgen?

Er is dus nog hoop. Door middel van de beter mobiel internet en straks een landelijke wimax-dekking zal de rol van de mobiele telefoon alleen maar groter worden. Met wat durf en inzet kan er aan deze ontwikkelingen goed verdiend worden en wie weet; misschien zal deze trend uiteindelijk ook op het internet voortgezet worden.

Wie overigens geïnteresseerd is in dergelijke onderwerpen: ANMI organiseert vanavond en morgenavond nog gratis lezingen. Inschrijven is mogelijk via hun website.

Xander Hoose, hardware-redacteur

Onderwerpen: Weblogs | Geen reacties »

Garantie?

28 augustus, 2006

Hardeschijf
Net zoals het goed is voor een arts om zelf in het ziekenhuis te liggen, zo is het voor een PCM-redacteur bijzonder leerzaam om eens zelf een defect apparaat te hebben. Want je kunt wel schrijven over de rechten en plichten die je als (ver)koper hebt, het zelf meemaken is toch weer heel anders. Laatst was het zover en werd ik geconfronteerd met de rauwe werkelijkheid die garantie heet.

Nog niet zo heel erg lang geleden werd ik verleid door een aanbieding op iBood. Een voordelige aanbieding van een externe harde schijf trok mij over de streep. Handig voor het maken van backups en de inmiddels behoorlijk uitgedijde fotocollectie (tja, kinderen). Maar na een maand of drie deed hij het niet meer. Het enige wat de harde schijf van zich liet horen was een nog al hard tikkend geluid. En dat betekent maar één ding: mijn harde schijf was overleden.

Nu kan ik u uitgebreid gaan vermoeien met de complete historie van dit garantie-verhaal, maar daar zit u waarschijnlijk niet op te wachten. Ik overigens ook niet; ik kan wel wat beters met mijn tijd te doen. Wel kan ik u in het kort vertellen wat het mij heeft geleerd.

Allereerst: iBood  is natuurlijk gewoon een leverancier. Alle defecte producten moet je retour sturen naar de fabrikant. En omdat iBood zelf geen voorraad voert, kunnen ze je ook niet voorzien van een vervangend product. Dat is lastig. Ik vond het vervelend dat ik al die tijd geen backup kon maken. Je moet er toch niet aan denken dat je je hele fotocollectie zou raken… (Nu ik erover nadenk, vroeger had je een uitslaande brand nodig om je foto’s te verliezen. Tegenwoordig is een hardwaredefect voldoende).

Ten tweede: de snelheid waarmee je producten kunt kopen is omgekeerd evenredig aan de snelheid waarmee een fabrikanten en/of leveranciers je garantie afhandelen. Nu schijnt mijn geval allemaal wel erg lang geduurd te hebben (iBood liet zelfs weten dat zij de fabrikant dringend hebben gevraagd zijn garantieprocedure aan te passen) maar opvallend is het wel.

Ten derde: maak je niet druk. Blijf mailtjes sturen, blijf bellen, maar word niet boos. Ik moet zeggen, dat scheelt veel nutteloze frustratie en verspilde energie. Bovendien deed iBood echt zijn best; het was de fabrikant die besloot mijn harde schijf via het Benelux-kantoor naar Duitsland te sturen om vervolgens weer te wachten op een schriftelijke bevestiging uit Nederland dat… u wilt het niet weten.

Tot slot nog een tip voor wie iBood eens wil bellen om te vragen hoe het staat met de garantieafhandeling en geen telefoonnummers op hun site kan vinden: via www.detelefoongids.nl heb je ze zo gevonden, als je tenminste weet dat ze in Amsterdam zitten.

Arianne, adjunct-hoofdredacteur

Onderwerpen: Weblogs | 1 Reactie »

360° panoramafotografie

25 augustus, 2006


Redacteuren van PCM trekken regelmatig de wijde wereld in om reportages en artikelen te maken. Zo ben ik enkele weken geleden naar Waardenburg afgereisd. Op een afgelegen industrieterrein lag het bedrijf Cyclomedia, dat gespecialiseerd in 360 graden panoramafotografie. Met speciale auto’s, voorzien van speciale camera’s op het dak, fotograferen ze, al meer dan vijftien jaar, heel Nederland. Alle gemaakte 360 graden panoramafoto’s, ook wel cyclorama’s geheten, worden opgeslagen in immense databases.  Via een speciale viewer kunnen deze cyclorama’s worden bekeken en met de muis kan er doorheen worden genavigeerd. Cyclomedia is in staat om aan deze cylorama’s informatie toe te voegen. Het bedrijf werkt samen met verschillende universiteiten om de technieken verder te ontwikkelen. Hoe het precies zit, leest u in het nieuwste nummer van PCM 9 (pagina’s 92 –95). Hiernaast ziet u een filmpje. Hierin ziet u hoe een cyclorama wordt opgevraagd en hoe er doorheen kan worden genavigeerd.

Veel kijk- en leesplezier!

Marc Boersma, redacteur

Onderwerpen: Weblogs | Geen reacties »

Bent u een sideloader?

24 augustus, 2006

Gonny_hoofd2_kleinIk moest even nadenken toen ik bovenstaande vraag op een website zag staan. Ben ik sideloader? Ik download wel eens wat en uploaden lukt ook wekelijks, maar wat is sideloaden dan? De term blijkt volgens wikipedia al sinds de jaren 50 en misschien zelfs langer te bestaan, maar had een iets andere betekenis. Tegenwoordig blijkt sideloading een begrip uit de internetcultuur te zijn, waarbij bestanden tussen apparaten worden gekopieerd, dus bijvoorbeeld van pc naar pda, gsm of mp3-speler. En dan blijkt opeens dat ik een fanatieke sideloader ben. Voor mij geen Over The Air (OTA) muziekdownloads en de firmware van mijn telefoon bijwerken doe ik het liefst gewoon via de desktop en een usb-kabeltje of liever nog: via Wi-Fi, zodat het toch nog een beetje ‘over-the-air’ is. Laatst heb ik software geprobeerd waarmee je films en dvd’s naar een TomTom GO kunt kopiëren: aha, alweer een mooi voorbeeld van sideloading. Als ik software op mijn smartphones wil installeren ga ik eerst via een browser op de desktop kijken wat er te halen is: alweer sideloading! Als iPod-gebruiker ben je wel gedwongen om sideloader te zijn, want er is geen andere manier om muziek in het apparaat te krijgen. Muziek, podcasts, ebooks, audioboeken, films, software: nu ik er goed over nadenk download ik niet zoveel en ben ik voornamelijk bezig om content tussen apparaten te verschuiven. Audioboek een beetje langdradig? Hup, wissen van de iPod en kopiëren naar een pda, waar je het in TCPMP versneld kunt afspelen.

Zou het straks anders worden, als we allemaal UMTS en HSDPA hebben?

Geen onderwerp zo gek of er is wel onderzoek naar gedaan. Zo ook naar sideloading. Telephia deed onderzoek naar OTA-downloads van muzieknummers onder Britse consumenten. Bij mensen met een 3G-abonnement gaf 44% de voorkeur aan sideloading en maar 14% downloadt muzieknummers liever rechtstreeks naar de telefoon. Mensen met een simpel (niet-3G) abonnement kiezen in 49% van de gevallen het liefst voor sideloading en in 16% voor OTA. De cijfers verschillen niet zoveel, maar toch is het opvallend dat mensen die géén 3G hebben vaker voor OTA kiezen. Of zou het een kwestie zijn van zeggen, maar niet doen? Draadloos muziek kopen klinkt interessant, maar als je niet de mogelijkheid hebt kun je moeilijk aantonen of mensen het ook daadwerkelijk gaan doen.

Gonny van der Zwaag, Software-redacteur PCM

Onderwerpen: Weblogs | Geen reacties »

Lcd-tv is geen computermonitor.

22 augustus, 2006

Al doende met het testen van mediacenter pc’s voor PCM nummer 10 zijn we op een onverwacht fenomeen gestuit: Een hdmi-aansluiting van een lcd-tv is niet geschikt voor pc-beeld. We hebben dat al eerder gemerkt bij het uitproberen van lcd-tv’s, maar het was nog niet helemaal tot ons doorgedrongen. Maar nu weten we het zeker.

Mediacenter pc’s en ik bedoel dan pc’s uitgerust met een tv-tuner en Windows Media Center Editie, kortweg MCE, zijn nog niet het succes geworden wat door de producenten gedacht werd. Gezien de matige kwaliteit van de tv-beelden van mediacenter pc’s vind ik dat ook niet zo verwonderlijk. Neemt niet weg dat als je dan toch besluit om een mediacenter te kopen, zeker één in huiskameruitvoering, dan wil je die ook op je tv aansluiten. Nu was dat tot voorkort bij het gebruik van een traditionele beeldbuis tv al niet zo’n succes, omdat het meest gangbare composiet videosignaal, net als het s-videosignaal, niet erg fraai beeld opleveren.
Met de opkomst van de grotere lcd-tv’s, die ook nog eens hdready zijn, zou je verwachten dat er verbetering in komt. Hdready tv’s hebben een hdmi-aansluiting. Hdmi is de belofte van de consumenten-elektronica industrie, en is de aansluiting voor video- en audio-signalen van de toekomst. Digitaal en zonder beperkingen. Voldoende bandbreedte voor hd-televisie en meerkanaals surroundgeluid. Hdmi is dvi, de al langer bestaande standaard voor digitaal beeld gebruikt voor pc-monitoren, plus geluid, wordt er gezegd. Alles in één simpel kabeltje met bescheiden formaat stekkers. Voor bestaande apparatuur zijn er verloopkabels van dvi naar hdmi of omgekeerd. Je mist dan wel het geluid, maar dat kan gelukkig ook nog wel met losse snoertjes.
Wat ligt er nu meer voor de hand dan, dat je als bezitter van een hdready lcd-tv een mediacenter aanschaft, dat je die met een dvi of zelfs als hij daar over beschikt een hdmi-aansluiting, op de lcd-tv aansluit?

Hdmi een nieuwe standaard, gebaseerd op de bestaande dvi-standaard, die al geruime tijd bestaat in de pc-industrie, bedoeld voor de digitale wereld is niet geschikt voor het aansluiten van een pc op een tv. Daar komt het feitelijk op neer.

Wat is er aan de hand?
De lcd-tv’s maken gebruik van overscanning of overscaling, twee termen voor hetzelfde begrip. Het komt er op neer dat van het beeldsignaal er rondom zo’n 5% van de randen van het beeld, buiten beeld vallen. Dat komt bij een 720p semi hd-beeld neer op zo’n 30 pixels rondom. Net genoeg om bij mediacenter de windows taakbalk, menubalken en bedieningsknoppen nagenoeg buiten beeld te laten vallen.
Bijzonder ergerlijk. Nu is de hdmi-aansluiting van deze tv’s sowieso beperkt tot 480p, 720p en 1080i beeldformaten. Dat is op zich niet erg als je die dan ook maar te zien krijgt. Het 480p signaal komt wel volledig in beeld, maar dan met underscaling met een enorme zwarte rand rondom en dat ziet er ook niet uit.
We weten het nog niet precies maar dit verschijnsel doet zich voor bij de meeste gangbare merken lcd-tv’s. Maak je gebruik van de ook aanwezige vga-aansluiting, dan is er vaak niets aan de hand en wordt hetzelfde beeld wel keurig volledig weergegeven.

We hebben nog lang niet alle tv-producenten hierover gesproken maar vooralsnog zijn de reacties heel laconiek. Het komt er op neer dat zij van mening zijn dat de hdmi standaard een consumenten elektronica norm is en niet bedoeld voor gebruik met pc’s. Dvd-recorders en set-topboxen hebben geen last van dit verschijnsel. Die produceren een beeldsignaal waarbij het beeld volledig in zichbaar is.
Het overscannen is nodig om de compatibiliteit met de traditionele analoge tv-signalen te waarborgen. Hier was het gebruikelijk de randen buiten beeld te laten vallen, omdat de beeldranden van het tv-signaal vaak niet helemaal storingsvrij zijn, of gebruikt worden voor andere doelen (teletext).

Men is van mening dat de pc-fabrikanten zich maar moeten aanpassen en een hdmi-signaal moeten produceren dat compatibel is met de tv’s. Nu hebben we nog niet veel pc’s met hdmi-aansluitingen gezien. En ook de grafische kaarten die daarmee zijn uitgerust hebben we nog niet getest. Maar die we wel gezien hebben, zijn niet in staat om een beeldsignaal te produceren dat op een tv met overscaling een volledig beeld oplevert. Wel weten we dat er in de duurdere categorie grafische kaarten bestaan, van Nvidia die variabele timing van het dvi-beeldsignaal ondersteunen. Met deze kaarten is het samen met het monitortuningprogrammaatje Powerstrip mogelijk, proefondervindelijk het beeld zodanig in te stellen dat het past.
Maar of dat nu de weg is die we willen gaan? Pc-fabrikanten vinden dat de lcd-tv-producenten automatische scaling moeten aanbrengen in de lcd-tv, wat die naar verluid zo’n 100 euro duurder zou maken.

U begrijpt, het laatste woord hebben we hier nog niet over gesproken. We vinden deze reacties wel heel gemakkelijk. We zullen zeker de fabrikanten van deze apparatuur met vragen blijven bestoken tot we precies weten hoe het zit.

Vooralsnog is mijn advies. Overtuig u voor aanschaf van mediacenter en lcd-tv of de door u gewenste aansluitingen ook goed samenwerken.

Ger Elskamp, redacteur hardware

Onderwerpen: Weblogs | 42 Reacties »

TomTom? Niet voor mij!

21 augustus, 2006

Image10_custom
Als hoofdredacteur van PCM is het niet al te moeilijk om je mee te laten slepen door de gadgetkoorts die soms op de redactie heerst. Met de regelmaat van de klok komt hier namelijk het nodige ‘speelgoed’ voorbij; van gloednieuwe mp3-spelers en digitale camera’s tot pda’s en routeplanners. Leuke en in sommige gevallen ook verdomd handige gadgets, maar hebben we ze daadwerkelijk nodig? Is het niet zo dat na een paar weekjes fun de meeste gadgets in de kast komen te liggen, naast al die andere hebbedingen die er oorspronkelijk bijzonder spannend uitzagen en dat uiteindelijk toch net niet bleken te zijn?

Ook ik heb zo mijn eigen gadgetkerkhof aangelegd. In dit geval in een doos op zolder. Hierin zult u onder andere mijn oude dcc-speler aantreffen (ooit aangekondigd als de nieuwe standaard!), een 1.2-megapixel camera, een eerste generatie mp3-speler, een memorecorder, een negatievenscanner, plus een wirwar van kabels, adapters en batterijopladers. Natuurlijk, een deel van dit ‘spul’ was gewoon aan vervanging toe, maar voor sommige andere aankopen schaam ik mij diep. Dat mag u best weten.

En nee, ik heb geen routeplanner. Nog niet. Tot nu toe heb ik me kunnen beheersen. Sterker nog, ik probeer mijzelf ervan te overtuigen dat het hier om één grote marketingtruc gaat. Een strijd die ik niet zal winnen, toch hou ik vooralsnog koppig vast aan mijn mening dat het heel simpel zonder kan. Gewoon met een landkaart en/of stratenboek.
Laatst wilde ik naar een festival in Zuid-Duitsland. ‘Als dat geen reden is om een Tom Tom aan te schaffen…’ Bijna ging ik overstag, totdat ik op de kaart zag dat ik slechts twee namen van snelwegen en het nummer van de afslag hoefde te onthouden. Bovendien ben ik van de generatie die ook zonder kaart nog kan vertellen waar Keulen, Koblenz en Stuttgart liggen. Dat werkte prima. Heb op de heenweg slechts één keer op de kaart hoeven kijken en dat was ter bevestiging van mijn eigen trots. Eenmaal bij de juiste afslag reed ik simpel naar het festivalterrein. Met dank aan goede richtingaanwijzers en Duitse gründlichkeit. Heb daarna één keer het raampje naar beneden gedraaid, maar dat was bij de ingang van het weiland, om te vragen waar ik de auto moest parkeren.

Op de terugweg heb ik de zaken rigoureuzer aangepakt. Toegegeven, ik had een volle dag om weer naar huis te rijden, dus besloot ik dit – voor het eerste stuk – puur op gevoel te doen. Niet de kortste of snelste route, maar een rit langs kleine dorpjes en dwars door het schöne Duitse land. Af en toe de auto uit voor een kop thee of lunch, waarbij ik het zelfs bijzonder aangenaam vond om op het terras lekker ontspannen naar de kaart te turen. Op de momenten dat ik het onderweg niet meer zeker wist, sloeg ik op gevoel links- of rechtsaf. En zo bracht het toeval mij op prachtige locaties die ik anders nooit had gezien. Bovendien bracht het toeval mij uiteindelijk gewoon weer thuis. Veel te laat natuurlijk, maar met een voldaan gevoel. Dit keer wist ik het zeker: hier kan geen TomTom tegenop.

Edwin Ammerlaan, hoofdredacteur

Onderwerpen: Weblogs | Geen reacties »

Groen of wit?

18 augustus, 2006

Witteboekje2_1
Die vraag stelde ik kersverse hoofdredacteur Edwin afgelopen dinsdag. Waar ik het over heb? De nieuwe spelling. Waar Intel en AMD strijden om de gunst van de processorkoper, zo lijken de Taalunie en het Genootschap Onze Taal te strijden om de gunst van de (professionele) taalgebruiker.

Oktober vorig jaar kwam het nieuw Groene Boekje uit. Het gevolg: een storm van protest. En niet voor niets. Had ik me EINDELIJK de tussen-n-regels eigen gemaakt (altijd een tussen-n, tenzij het eerste deel van het woord kan eindigen op een -n én een -s, dan komt er geen tussen-n; oja, en wanneer de delen van een samengesteld woord zowel een planten- als een dierennaam bevatten, dan verdwijnt die tussen-n weer – bent u er nog?), moet alles weer anders. Nu ben ik niet zo dapper en gooi ik niet zo vaak mijn kont tegen de krib, maar deze keer ben ik het eens met taalkundige René Appel (die ook betrokken was bij de totstandkoming van de Witte Spelling); voor de makers van het Groene Boekje bestaat maar één woord: regelfetisjisten. Een paar elitaire heren in een torenkamer die afhankelijk van hoe de wind waait nieuwe regels bedenken. Als u de volgende voorbeelden begrijpt, houd ik me aanbevolen voor uitleg:

- Het nieuwe Groene Boekje schrijft: re-integratie en reïncarnatie. Waarom in het ene geval een trema en in het andere een streepje? Nou, zegt de Taalunie, integratie bestaat als afzonderlijk woord, maar incarnatie niet. Daarom krijgt het ene woord een verbindingsstreep en andere niet. “Slogisch”, zou Cruijff zeggen.
-

Het Groene Boekje dicteert vwo’er en havoër.
-

En het is cao en we schrijven VUT.
- We schrijven 80-jarige en 24 uurseconomie…

Zo kan ik nog wel even doorgaan. Bij PCM en Computer Idee hebben we besloten om de spellingsherziening van 2005 maar even te laten voor wat ‘ie is en uit te gaan van het Witte Boekje, dat veel logischer besluiten neemt. Gelukkig komt er over 10 jaar weer een spellingsherziening. Tot die tijd gaat het Groene Boekje gewoon de kast in. Wat vindt u?

Astrid Hesseling, eindredacteur

Onderwerpen: Weblogs | 2 Reacties »

Afscheid

17 augustus, 2006

Mark
Een paar weken geleden heb ik voor bij mijn pc een MacBook gekocht. Niet omdat ik Mac-adept wil worden. Ik koester geen verborgen ambities om op mijn 37e opeens cool te worden, noch heb ik zin om te pas en te onpas ‘Microsoft sucks’ te moeten roepen.

Nee, ik vind Apple’s nieuwste notebook gewoon mooi. Strak, wit (op de zwarte
versie na dan), lekker compact en bovendien voorzien van onvolprezen software
als iLife, Photo Booth en Comic Life. Maar het is niet alles goud dat er blinkt.
Windows Media-bestanden kon ik niet bekijken; Windows Media player werkt niet op
een Intel-Mac en Microsoft heeft de ontwikkeling ervan stil gezet, althans voor
de Mac. Inmiddels is er wel een derde partij (www.flip4mac.com) die hier een
oplossing voor heeft, maar met enige regelmaat komen er kleine
incompatibiliteiten bovendrijven. Mijn computerleven blijft dus hybride: ik ben
een zeer tevreden Windows- én Mac-gebruiker. Wilt u keihard weten hoe een
MacBook (ook met Windows) presteert ten opzichte van een vergelijkbaar
Windows-notebook? U leest het in het septembernummer van PCM.

Tot slot
neem ik op deze plaats afscheid van u. Ik ga na ruim 10 jaar in de
computertijdschriftenbranche gewerkt te hebben mijn carrière voortzetten in de
wereld van de gratis kranten. Volgende maand stelt mijn opvolger zich op deze
plek aan u voor. Het gaat u goed!

Mark Friederichs,
Hoofdredacteur PCM

Onderwerpen: Weblogs | 1 Reactie »

Puinruimen en overnieuw beginnen

15 augustus, 2006

Ik kan geen feestje bezoeken of ik word halverwege de avond vastgeklampd door één van de aanwezigen met de vraag: jij hebt toch verstand van computers? `Nou, dat valt wel mee, hoor´, antwoord ik, terwijl ik een slok bier neem en wat borrelnootjes naar binnen werk. `Ik schrijf wel voor een computerblad, maar ik weet lang niet alles´ Ik probeer mezelf uit de situatie te redden, maar het is al te laat. Vluchten kan niet meer. Ik weet precies wat ze van mij willen. Ze hebben een computer die al een tijdje niet helemaal lekker werkt en of ik er misschien `even´naar wil kijken. `Ja, tuurlijk, joh´, antwoord ik tegen beter weten in. En of ik dan misschien nu op zolder wil kijken naar hun pc.

Terwijl het feestgedruis beneden vrolijk doorgaat, doet de heer of vrouw des huizes de computer aan. Mijn voorgevoel zegt dat ik behoorlijke puinhoop zal aantreffen. Als de pc eindelijk is opgestart, werkt alles zeer traag en verschijnen er voortdurend foutmeldingen op het scherm. `Wanneer heb je voor het laatst de harde schijf geformatteerd?´, vraag ik. ´Formawattes?’ krijg ik als antwoord. Ik weet genoeg. Dit kost mij minstens een vrije zondag om de boel weer een beetje in orde te krijgen.`Wat we doen´, vervolg ik streng, ´we maken een afspraak voor volgend weekend en dan maak ik jouw pc weer helemaal in orde.´ Ik beveel de eigenaar alle originele cd-roms met serials te verzamelen en keurig klaar te leggen voor ondergetekende als die volgende week langskomt. Dan formatteer ik de harde schijf en installeer alle programma´s opnieuw, zodat de eigenaar weer een supersnelle pc krijgt.

Als ik een week later achter de pc plaatsneem om alles opnieuw te installeren, krijg ik voortdurend kopjes thee en koekjes aangeboden. Ik begrijp het al: ik ben hun verlosser in nood. Mensen raken tegenwoordig behoorlijk gefrustreerd als hun pc niet meer naar wens werkt. Het verstoort bijkans hun halve sociale leven als ze merken dat ze niet meer kunnen msn´en of e-mailen. Als ik na een paar uur eindelijk klaar ben, krijgt de eigenaar van de pc een boodschappenlijstje. Daarop staat de laatste versie van Norton Internet Security en de specificaties voor een extra geheugenbankje. “Dat installeer ik dan morgen, als ik uit mijn werk kom” Dit was echt de laatste keer, denk ik, als ik de voordeur achter mij sluit. Volgend weekend ga ik iets leuks voor mezelf op de pc doen!

Marc Boersma, redacteur

Onderwerpen: Weblogs | Geen reacties »


oudere berichten »